Doorn in het vlees verslagen door Jesjoea

Een doorn in het vlees is iets in je leven dat je gevangen zet. Het kan een trauma zijn, of slechte omstandigheden. Voor Israël was beide het geval.

doorn in het vlees overwinnenDeze week lezen we Ad Ana: ‘Hoe lang’. De Israëlieten die door God zijn bevrijd, verlangden terug naar Egypte. Dat verlangen werd zo sterk dat er opstand kwam, precies een maand na de uittocht. De situatie was zo gespannen dat toen God een wonder deed, dit maar half wordt aanvaard.
Nog steeds blijken er Israëlieten te zijn die liever terugkeren naar hun veilige slaafse leventje in Egypte. Zij luisteren naar de ‘doorn in het vlees’.
‘Hoe lang nog?’ vraagt God Zich af in het eerste vers van de seder. Het antwoord in de Tora is: Totdat Jesjoea overwint!

We lezen volgens de Driejarige Tora Cyclus:

• Mozes: Exodus 16:28-17:16
• Psalm: 54 en Hooglied 5
• Koning: 1 Samuël 22:1-23:2
• Profeet: Jesaja 58:13-59:20
• Evangelie: Mattheüs 2:1-18
• Apostel: 2 Korinthe 12:7-21

Doorn in het vlees

‘Wat een hardnekkig volk’ zeggen sommigen de kinderbijbels na. ‘Had Israël maar beter moeten luisteren, en wat meer moeten vertrouwen.’ Maar zo eenvoudig ligt het niet. Uit Ex. 16:1 blijkt dat ze precies een maand onderweg zijn als deze opstand uitbreekt. In Elim hadden ze het goed, maar nu komen ze in de woestijn Sin. Dit wordt door Joodse uitleggers in verband gebracht met de doornstruik waar God Zich openbaarde aan Mozes, סְנֶה (S’neh) in het Hebreeuws. Sin betekent daarom een plaats van doornen voor het volk Israël.

God Zélf geeft een doorn in het vlees (2 Kor. 12:7), ook aan Israël. Zij hadden geen eten en drinken en waren een weerloos volk, overgeleverd aan de elementen van de wildernis. Ze hadden geen idee hoe ze vrij konden zijn. Dat blijkt deze week doordat Israël niet eens kan stoppen met werk en verplichtingen op de sjabbat. Zó werden ze bestookt met een doorn in het vlees. Maar God geeft niet alleen doornen, maar ook een uitkomst. En daar lezen we óók over in de seder.

Overwinning op Amalek

Amalek was een broedervolk van Israël, Het was een losgeslagen stam van de Edomieten, nakomelingen van Ezau, Jakobs broer. Amalek staat dus heel dichtbij! Broers en zussen onder ons, zoals Kaïn en later Ezau, laten zich regeren door een doorn in het  vlees, zonder Gods stem te horen. Dit kan onszelf overkomen! Zolang we naar de doorn in het vlees luisteren, is er geen genezing, maar alleen gevangenschap. Amalekieten zijn dus de slaven van de ‘doorn in het vlees’, gevangen in patronen waaruit ze niet los kunnen komen, engelen van satan (2 Kor. 12:7). Verklaart dat iets van Gods radicale antwoord aan Amalek? Wat kunnen we daar nog meer over zeggen?

Nu ineens komt Jozua op de proppen, Jesjoea! Hij brengt de overwinning, is dat niet een geweldig mooi vooruitzicht op de toekomst als Jezus komt om de strijd aan te binden met de doornen in deze wereld?

Exodus 17:8-16

Dan komt Amalek, een zwerfvolk uit Edom, en valt Israël aan in Verfrissingsplaats (Refidim). Mozes zegt tegen Jesjoea (Jozua): Zoek bij het volk mannen uit en ga er morgen met hen op uit om tegen Amalekte strijden. Ik zal de heuvel beklimmen en de staf van God in mijn hand houden. Jozua doet zoals hem gezegd is en vecht de volgende dag met Amalek, terwijl Mozes de heuvel opklimt met Aharon en Hur. Op de top van de heuvel kijken zij uit over de strijd.

Als Mozes zijn hand, met de staf van God erin, de lucht in steekt, is Israël aan de winnende hand. Maar zodra hij zijn arm laat zakken, is Amalek sterker. Als Mozes’ handen moe worden, nemen Aharon en Hur een steen waarop hij zitten kan. Ze nemen elk een arm van Mozes en houden hem omhoog. Zo blijven Mozes’ armen tot zonsondergang trouw omhoog gericht. Zo overwint Jozua het leger van Amalek en slaat Amalek met een grote en verwoestende slag.

Dan zegt JHWH tegen Mozes: “Deze herinnering moet opgeschreven worden in een boek. Zeg tegen Jozua dat hij het in zijn oren knoopt dat Ik de herinnering aan Amalek onder de hemel uitwissen zal met grondigheid.” Daar bouwt Mozes een altaar en noemt het: “JHWH mijn Banier”. Hij zegt erbij: “Want door een opgestoken hand is JHWH de Banier. De oorlog met Amalek is Zijn oorlog, van deze generatie tot haar laatste generatie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *