Harde harten verstoppen zich achter een voorstel tot compromis

Farao’s hart wordt door God verhard. Die hardheid kan ook verdwijnen. Maar om te weten hoe, moeten we wel eerst weten wat harde harten eigenlijk zijn.

woede van God door Mozes' uitgestrekte armDeze week lezen we Bo: ‘Ga!’ Mozes moet wéér naar de farao gaan “want God heeft zijn hart verhard, en dat van zijn dienaren” (vs. 1). Wat is dat voor vreemde redenering? Het lijkt wel alsof God de farao als speelbal gebruikt voor Zijn toorn! Zo kennen we Hem toch niet, Hij is toch niet wraakgierig (Jes. 27:4)? En hébben die dienaren wel zulke harde harten (vs. 7)? Wat is hier aan de hand?

We lezen volgens de Driejarige Tora Cyclus:

• Mozes: Exodus 10
• Psalm: 49
• Koning: Richteren 11:29-40
• Profeet: Jesaja 26:11-27:5
• Evangelie: Markus 12:35-44
• Apostel: 2 Timotheüs 3:1-13

De ‘harde harten’ van farao en zijn dienaren

Die harde harten van farao en zijn dienaren zijn helemaal niet zo hard als je zou denken in vers 1. Lees maar in vers 7-11:

De dienaren van de farao zeggen tegen hem: “Hoe lang zal deze Mozes nog een val voor ons opzetten? Laat die mannen toch gaan om JHWH hun God te dienen en aanbidden. Realiseer je je nog steeds niet dat Egypte geruïneerd wordt?” De farao zwicht voor hun woorden en laat Mozes en Aäron terugroepen. Hij zegt tegen hen: “Akkoord, ga! Aanbid JHWH, jullie God. Wie zullen er trouwens gaan?”

Mozes antwoordt: “Met al onze jonge kinderen zullen we gaan en de volwassenen. Met al onze zonen en dochters, het vee en de kuddes, want het zal een uitbundig feest van JHWH voor ons worden.” De farao antwoordt: “Jaja, laat JHWH maar met jullie zijn, maar niet als jullie je kinderen meenemen. Want het is een feit dat jullie kwaad in de zin hebben. Als de kinderen meegaan, heb ik geen vat meer op jullie. Dus, ga nu met alle mannen van Israël en aanbidt JHWH. Dat is tenslotte wat je me gevraagd hebt.”

 

Zo hard zijn die harten dus helemaal niet. Ze zijn in staat om tot een compromis te komen! Ze doen een voorstel dat Mozes bijna niet kán weigeren. Het is niet leuk om de kinderen achter te laten, maar ze krijgen wel de mogelijkheid om met alle mannen  hun ding te doen. Vrouwen en kinderen hebben die week ook vrijaf, dus hoe erg is dat? Ze moeten dan wel thuisblijven, maar daar kunnen ze toch ook feest vieren? Ze krijgen dus zomaar een week vakantie aangeboden en Mozes peinst er niet over om erop in te gaan. Wie heeft er dan een hard hart?

Kenmerk van harde harten

Harde harten willen gewoon gelijk krijgen. Farao en zijn dienaren willen niet erkennen dat zij het volk Israël verdrukken. Bovendien willen ze die verdrukking niet opgeven. Daarin zit de hardheid. Hun mildheid is de politieke ‘menselijkheid’ die we zo goed kennen: “De situatie is zoals die is, die kun je niet veranderen, laten we een compromis sluiten.”

Een compromis helpt om de werkelijkheid te aanvaarden (het slaafse bestaan van Israël in Egypte), en er het beste van te maken. Maar een compromis geeft óók de mogelijkheid om harde harten hard te laten blijven. En dáárom heeft God daar een hekel aan. God wil geen compromis! Hij wil de bevrijding van Israël omdat zij verdrukt worden, hoe logisch en onvermijdelijk die verdrukking in die tijd ook is.

Dat Gód de harden verhard, kan zelfs Zijn eigen volk overkomen (Jes. 63:17). Zijn aandeel in het verharden van farao’s hart is daarom dat Hij het tóélaat. Dat laat Hij Mozes vast weten als hij weer naar de farao gaat (10:1). Mozes begrijpt daardoor dat de harde harten nog steeds een feit zijn, al lijkt dat te veranderen. Zo weet hij van tevoren dat farao’s hart nog helemaal niet zo zacht is als het lijkt.  Mozes zou namelijk in de verleiding kunnen komen om het compromis aan te gaan. Maar daarmee zou het probleem niet opgelost zijn en farao zou gewonnen hebben.

Als God zelfs de harten van Zijn kinderen verharden kan (Jes. 63:17), hoe kunnen we er dan vanáf komen? Welk geheim leert Jesaja ons hiervoor in 26:15-18?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *